ECLI:NL:RBMNE:2026:6463

ECLI:NL:RBMNE:2026:6463

Instantie Rechtbank Midden-Nederland
Datum uitspraak 12-03-2026
Datum publicatie 21-09-2026
Zaaknummer UTR 25/7398
Rechtsgebied Bestuursrecht; Socialezekerheidsrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Utrecht

Samenvatting

Voorlopige voorziening afgewezen.

Uitspraak

[verzoekster] , uit [plaats] , verzoekster

(gemachtigde: mr. G.J. de Kaste),

en

Dagelijks Bestuur Werk en Inkomen Lekstroom, het college.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de voorzieningenrechter op het verzoek om een voorlopige voorziening van verzoekster. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

2. Het college heeft de aanvraag van verzoekster om bijzondere bijstand op grond van de Participatiewet (Pw) voor de gedeeltelijke woninginrichting met het besluit van 29 september 2025 afgewezen. Verzoekster heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. Met het bestreden besluit van 30 december 2025 op het bezwaar van verzoekster is het college bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Uit coulance heeft het college eiseres een basis-inboedelpakket toegekend van € 618,- in de vorm van een geldlening. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld (geregistreerd onder zaaknummer UTR 26/1273), zodat het verzoek om een voorlopige voorziening geldt als een verzoek gedaan hangende het beroep bij de rechtbank.

3. Omdat het verzoek kennelijk ongegrond is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk ongegrond is.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

4. De voorzieningenrechter treft op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb alleen een voorlopige voorziening als "onverwijlde spoed" dat vereist. Bij een financieel geschil, zoals in deze zaak, is dat niet snel het geval. In beginsel kan namelijk na afloop van de bodemzaak het bedrag waarover het geschil gaat, alsnog worden (terug)betaald, zo nodig met vergoeding van de wettelijke rente. Als er geen onomkeerbare situatie dreigt, bijvoorbeeld faillissement, of acute financiële nood is, neemt de voorzieningenrechter aan dat spoedeisend belang ontbreekt, zodat hij alleen al daarom geen voorlopige voorziening treft.

5. Verzoekster voert hierover aan dat zij leeft van een AOW-uitkering en geen financiële reserve heeft om de noodzakelijke stoffering en basisinrichting van haar woning te kunnen bekostigen. Ze leeft al geruime tijd zonder vloerbedekking, gordijnen en andere basale voorzieningen. Dit leidt tot een ontoereikende en onveilige woonsituatie. Gezien de leeftijd van verzoekster en haar beperkte financiële draagkracht heeft het voortduren van deze situatie een direct en nadelige impact op haar gezondheid en welzijn. Ter onderbouwing heeft verzoekster haar bankafschriften, foto’s van haar woning en een toelichting toegestuurd.

6. De voorzieningenrechter ziet in wat verzoekster heeft aangevoerd onvoldoende aanknopingspunten voor het oordeel dat sprake is van omstandigheden die maken dat vanwege onverwijlde spoed een onmiddellijke voorziening is vereist. Uit de bankafschriften maakt de voorzieningenrechter op dat eiseres inkomsten heeft uit haar AOW-uitkering. Daarnaast ontvangt ze van de Belastingdienst huur- en zorgtoeslag. Van schulden of betalingsachterstanden is de voorzieningenrechter niet gebleken. Van een onomkeerbare situatie, die alleen afgewend kan worden door bijzondere bijstand te verlenen, is de voorzieningenrechter ook niet gebleken.

Uit de foto’s van haar woning kan de voorzieningenrechter ook geen spoedeisend belang afleiden. Onduidelijk is wanneer de foto’s zijn genomen en of deze de huidige situatie nog weergegeven. Ten slotte begrijpt de voorzieningenrechter uit de toelichting van verzoekster dat zij rust heeft gevonden in haar appartement en dat zij hier graag wil blijven wonen. Het wel of niet toekennen van de bijzondere bijstand voor de woninginrichting staat dit niet in de weg. Niet is gebleken van huurachterstanden of een dreigende uithuiszetting. Dat verzoekster met de bijzondere bijstand haar woning wil inrichten, is op zichzelf onvoldoende om een spoedeisend belang aan te nemen. Verzoekster kan dit ook bereiken door gebruik te maken van de door het college aangeboden geldlening. Dat eiseres in het verleden geen ruimte heeft gehad om te reserveren voor de kosten van de woninginrichting, betekent niet dat er sprake is van een spoedeisend belang.

7. Omdat de voorzieningenrechter van oordeel is dat verzoekster geen spoedeisend belang heeft, kan de door haar gevraagde voorziening alleen nog worden getroffen als het bestreden besluit evident onrechtmatig is. Met evident onrechtmatig wordt bedoeld dat zonder diepgaand onderzoek naar de relevante feiten en/of het recht zeer ernstig moet worden betwijfeld of het door het college ingenomen standpunt juist is en of het bestreden besluit in de bodemprocedure in stand zal blijven.

8. De voorzieningenrechter is van oordeel dat op basis van de nu overgelegde stukken niet evident is dat het bestreden besluit geen stand zal kunnen houden. Dat sprake is geweest van een onzorgvuldig besluit, ziet de voorzieningenrechter op voorhand niet.

9. Uit het voorgaande volgt dat geen sprake is van een spoedeisend belang. Het bestreden besluit is ook niet evident onrechtmatig. Gelet hierop ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding de belangenafweging in het voordeel van verzoekster te laten uitvallen.

Conclusie en gevolgen

10. Het verzoek is daarom kennelijk ongegrond. De voorzieningenrechter wijst het verzoek dus af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.G.M. van Veen, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. H.J.J.M. Kock, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 12 maart 2026.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. H.J.J.M. Kock

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand