RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Strafrecht
Parketnummer: 03.307553.22
Tegenspraak
Vonnis van de meervoudige strafkamer d.d. 21 juli 2023
in de strafzaak tegen
[verdachte] ,
geboren te [geboortegegevens] 1982,
wonende te [adres] ,
thans gedetineerd in [P.I.] .
De verdachte wordt bijgestaan door mr. F.A. Dronkers, advocaat kantoorhoudende te Roermond.
1. Onderzoek van de zaak
De zaak is inhoudelijk behandeld op de terechtzitting van 14 juli 2023. De verdachte en zijn raadsman zijn verschenen. De officier van justitie en de verdediging hebben hun standpunten kenbaar gemaakt.
Voorafgaand aan de terechtzitting heeft de rechtbank kennisgenomen van de tussen het openbaar ministerie en de verdachte gesloten overeenkomst inzake de door hen gemaakte afspraken over de afdoening van de onderhavige zaak.
De rechtbank heeft het procesdossier voorgehouden. Ter terechtzitting is tevens voornoemde overeenkomst besproken en heeft de rechtbank kennisgenomen van hetgeen de officier van justitie en de verdediging hieromtrent naar voren hebben gebracht.
2. De tenlastelegging
De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht.
De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat de verdachte:
Feit 1: meermalen ontucht heeft gepleegd met [slachtoffer 1] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt.
Feit 2: [slachtoffer 2] crimineel heeft uitgebuit door hem strafbare feiten (drugsdelicten) te laten plegen en [slachtoffer 1] seksueel heeft uitgebuit.
3. Het afdoeningsvoorstel
Het openbaar ministerie en de verdediging zijn, kort weergegeven, overeengekomen dat:
De rechtbank constateert dat verdachte in de overeenkomst afstand doet van bepaalde aan hem toekomende verdedigingsrechten. Op basis van de verklaring die verdachte ter zitting heeft afgelegd over de totstandkoming en de inhoud van de raamwerkovereenkomst, is de rechtbank van oordeel dat verdachte vrijwillig, op basis van voldoende en duidelijke informatie en terwijl hij zich bewust was van de rechtsgevolgen, is gekomen tot een ondubbelzinnige beslissing om mee te werken aan het afdoeningsvoorstel en de daarmee gepaard gaande afstand van verdedigingsrechten. De rechtbank concludeert dan ook dat is voldaan aan de eisen die artikel 6 van het Verdrag tot Bescherming van de Rechten van de Mens en de Fundamentele Vrijheden (EVRM) stelt, zodat zij de afdoeningsovereenkomst bij de beoordeling van de vragen van de artikelen 348 en 350 van het Wetboek van Strafvordering (Sv) in overweging zal nemen.
4. De beoordeling van het bewijs
Het standpunt van de officier van justitie
De officier van justitie heeft, overeenkomstig het afdoeningsvoorstel, gerekwireerd tot bewezenverklaring van beide ten laste gelegde feiten.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft, overeenkomstig het afdoeningsvoorstel, geen bewijsverweren gevoerd en zich verder ook niet over het bewijs uitgelaten.
Het oordeel van de rechtbank
De rechtbank heeft op grond van de bewijsmiddelen de overtuiging gekregen dat de verdachte de feiten zoals tenlastegelegd onder 1 en 2 heeft begaan, zoals hieronder weergegeven onder kopje 4.4.
Indien tegen dit verkort vonnis hoger beroep wordt ingesteld, worden de door de rechtbank gebruikte bewijsmiddelen die redengevend zijn voor de bewezenverklaring, opgenomen in een aanvulling op het vonnis. Deze aanvulling wordt dan aan het vonnis gehecht.
De bewezenverklaring
De rechtbank acht bewezen dat de verdachte
Feit 1:
meermalen in de periode van 12 november 2021 tot en met 15 november 2021 in de gemeente Weert, met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 1] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] ;
Feit 2:
meermalen in de periode van 12 november 2021 tot en met 15 november 2021 in de gemeente Weert,
A. anderen, te weten [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 2] ) en [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 1] ) heeft gehuisvest met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] , terwijl die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] , de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt en
B. anderen, te weten [slachtoffer 2] (geboren op [geboortedatum 2] ) en [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 1] ) (telkens) door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en door misbruik van een kwetsbare positie, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandigheden enige handelingen heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] zich daardoor beschikbaar zouden stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (te weten het medeplegen van handel in verdovende middelen en/of het verrichten van seksuele handelingen) (sub 4°) terwijl die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] de leeftijd van achttien jaren nog niet hadden bereikt (lid 3 sub 2)
en
telkens opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 2] en die [slachtoffer 1] ,
immers heeft hij, verdachte,
- die minderjarige [slachtoffer 2] en die minderjarige [slachtoffer 1] in zijn woning laten verblijven en
- aan die minderjarige [slachtoffer 2] en die minderjarige [slachtoffer 1] verdovende middelen verstrekt en
- tegen die minderjarige [slachtoffer 1] en die minderjarige [slachtoffer 2] gezegd: “je moet ook werken om hier te mogen blijven en voor de drugs” en
- die minderjarige [slachtoffer 2] opdracht gegeven om pakketjes drugs weg te brengen en te verkopen en
- die minderjarige [slachtoffer 1] ertoe bewogen om bij en met hem seksuele handelingen te verrichten, hierin bestaande dat die minderjarige [slachtoffer 1] hem, verdachte, meermalen heeft gepijpt en vaginale seks met hem heeft gehad.
De rechtbank acht niet bewezen hetgeen meer of anders is ten laste gelegd. De verdachte zal daarvan worden vrijgesproken.
5. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op:
Feit 1:
met iemand die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren heeft bereikt, buiten echt, ontuchtige handelingen plegen die mede bestaan uit het seksueel binnendringen van het lichaam, meermalen gepleegd
Feit 2:
mensenhandel, terwijl de persoon ten aanzien van wie de in artikel 273f, eerste lid, onder 1º/2º/4º/6º van het Wetboek van Strafrecht omschreven feiten worden gepleegd, de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt en een persoon is bij wie misbruik van een kwetsbare positie wordt gemaakt, meermalen gepleegd.
Er zijn geen feiten of omstandigheden aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.
6. De strafbaarheid van de verdachte
De verdachte is strafbaar, omdat geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.
7. De straf en/of de maatregel
De vordering van de officier van justitie
De officier van justitie heeft in overeenstemming met het afdoeningsvoorstel gevorderd aan de verdachte een gevangenisstraf op te leggen voor de duur van 30 maanden, waarvan 15 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren, met aftrek van voorarrest en met als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht.
Het standpunt van de verdediging
De verdediging heeft overeenkomstig het afdoeningsvoorstel geen strafmaatverweer gevoerd.
Het oordeel van de rechtbank
Bij de bepaling van de op te leggen straf is gelet op de aard en ernst van hetgeen bewezen is verklaard, op de omstandigheden waaronder het bewezenverklaarde is begaan en op de persoon van de verdachte, zoals een en ander uit het onderzoek ter terechtzitting naar voren is gekomen.
De verdachte heeft het minderjarige slachtoffer [slachtoffer 1] gedurende enkele dagen uitgebuit. Hij heeft haar, door misbruik te maken van het overwicht dat hij over haar had, voortkomend uit het leeftijdsverschil en haar kwetsbare positie, bewogen tot het verrichten van seksuele handelingen bij en met hem. De verdachte heeft niet geschroomd om te profiteren van de kwetsbaarheid van [slachtoffer 1] . Het plegen van ontuchtige handelingen en het seksueel uitbuiten betreffen zeer ernstig feiten. Mensenhandel, waarbij iemand seksueel wordt uitgebuit, is immers een vergaande en ontluisterende manier van uitbuiting, waarbij de lichamelijke en geestelijke integriteit van het slachtoffer ondergeschikt wordt gemaakt aan de zucht van de uitbuiter. Het is een feit van algemene bekendheid dat slachtoffers van de onderhavige feiten doorgaans nog lange tijd de psychische gevolgen hiervan ondervinden, die zich kan vertalen in een langdurige verstoring van de seksualiteit.
Daarnaast heeft de verdachte zich schuldig gemaakt aan criminele uitbuiting van het eveneens minderjarige slachtoffer [slachtoffer 2] door hem pakketjes met drugs te laten leveren/verkopen. Door misbruik te maken van de kwetsbare positie van [slachtoffer 2] en zijn zucht naar geldelijk gewin, heeft de verdachte geen enkel oog gehad voor de negatieve gevolgen voor de ontwikkeling van de nog jeugdige [slachtoffer 2] .
De door de verdachte gepleegde feiten zijn ernstig. Dat deze zijn gepleegd tegen minderjarige slachtoffers, maakt het nog ernstiger. Naar het oordeel van de rechtbank kan daarom niet worden volstaan met een lichtere straf dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van aanzienlijke duur.
De rechtbank heeft acht geslagen op de strafmaatoverwegingen uit het afdoeningsvoorstel. De daarin voorgestelde strafmaat, zoals ook door de officier van justitie ter terechtzitting gevorderd, staat in een redelijke verhouding tot de ernst van de zaak, waarbij ook rekening wordt gehouden met de persoon van de verdachte. Daarbij overweegt de rechtbank tevens dat het voorstel niet alleen een efficiënte en voortvarende behandeling, maar ook een effectieve afdoening van de zaak dient. Door tot overeenstemming te komen, kan het horen van de minderjarige slachtoffers als getuigen achterwege blijven. De rechtbank overweegt verder dat het afdoeningsvoorstel integraal met de verdediging is besproken, en de verdediging zich ook kan vinden in de overeengekomen strafmaat. Daarnaast is ermee rekening mee gehouden dat de verdachte niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen voor soortgelijke feiten en dat hij op veel leefgebieden (onder meer financiën en woning) hulp en steun nodig heeft van de reclassering. Het als bijzondere voorwaarde op te leggen reclasseringstoezicht dient ertoe om met het bieden van deze hulp en steun de kans op recidive te beperken.
De rechtbank zal dan ook op grond van de voornoemde overwegingen overeenkomstig het afdoeningsvoorstel beslissen en aan de verdachte een gevangenisstraf opleggen voor de duur van 30 maanden waarvan 15 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren, met aftrek van voorarrest en met als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht.
Tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf zal volledig plaatsvinden binnen de penitentiaire inrichting, tot het moment dat de verdachte in aanmerking komt voor deelname aan een penitentiair programma, als bedoeld in artikel 4 Penitentiaire beginselenwet of tot het moment dat de regeling van voorwaardelijke invrijheidsstelling aan de orde is, als bedoeld in artikel 6:2:10 Wetboek van Strafvordering.
8. De wettelijke voorschriften
De beslissing berust op de artikelen 14a, 14b, 14c, 57, 245, 273f van het Wetboek van Strafrecht.
9. De beslissing
De rechtbank:
Bewezenverklaring
Strafbaarheid
Straf
- de veroordeelde houdt zich aan de aanwijzingen en richtlijnen die de reclassering hem geeft;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak
in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal
worden gebracht.
Dit vonnis is gewezen door mr. W. Loof, voorzitter, mr. K.G. Witteman en mr. K. Mestrom, rechters, in tegenwoordigheid van mr. M.J.M. Penders, griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 21 juli 2023.
BIJLAGE I: De tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd dat
Feit 1:
Hij, meermalen, althans eenmaal, in de periode van 12 november 2021 tot en met 15 november 2021 in de gemeente Weert, (telkens) met [slachtoffer 1] , geboren op [geboortedatum 1] , die de leeftijd van twaalf jaren maar nog niet die van zestien jaren had bereikt, buiten echt, (telkens) ontuchtige handelingen heeft gepleegd, die mede bestonden uit het seksueel binnendringen van het lichaam van die [slachtoffer 1] ;
Feit 2:
Hij, meermalen, althans eenmaal, in de periode van 12 november 2021 tot en met 15 november 2021 in de gemeente Weert, in elk geval in Nederland, (telkens)
A. een ander of anderen, te weten [slachtoffer 2] (geboren [geboortedatum 2] ) en/of [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 1] ) heeft geworven, vervoerd, overgebracht, gehuisvest en/of opgenomen met het oogmerk van uitbuiting van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] , terwijl die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] , de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt en/of
B. een ander of anderen, te weten [slachtoffer 2] (geboren [geboortedatum 2] ) en/of [slachtoffer 1] (geboren op [geboortedatum 1] )(telkens) door misbruik van uit feitelijke omstandigheden voortvloeiend overwicht en/of door misbruik van een kwetsbare positie, heeft gedwongen en/of bewogen zich beschikbaar te stellen tot het verrichten van arbeid of diensten dan wel onder die omstandighe(i)d(en) enige handeling(en) heeft ondernomen waarvan verdachte wist of redelijkerwijs moest vermoeden dat die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] , zich daardoor beschikbaar zou(den) stellen tot het verrichten van arbeid of diensten (te weten het[mede]plegen van handel in verdovende middelen en/of het verrichten van seksuele handelingen) (sub 4°) terwijl die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] , de leeftijd van achttien jaren nog niet had(den) bereikt, (lid 3 sub 2)
en/of
(telkens) opzettelijk voordeel heeft getrokken uit de uitbuiting van die [slachtoffer 2] en/of die [slachtoffer 1] ,
immers heeft hij, verdachte,
- die (minderjarige) [slachtoffer 2] en/of die (minderjarige) [slachtoffer 1] in zijn woning laten verblijven en/of
- aan die (minderjarige) [slachtoffer 2] en/of die (minderjarige) [slachtoffer 1] verdovende middelen verstrekt en/of
- tegen die (minderjarige) [slachtoffer 1] en/of die (minderjarige) [slachtoffer 2] gezegd:” je moet ook werken om hier te mogen blijven en voor de drugs” en/of
- die (minderjarige) [slachtoffer 2] opdracht gegeven en/of tegen die (minderjarige) [slachtoffer 2] gezegd om pakketjes (drugs) weg te brengen en/of te verkopen en/of
- die (minderjarige) [slachtoffer 1] opdracht gegeven en/of ertoe bewogen om bij en/of met hem seksuele handelingen te verrichten, hierin bestaande dat die (minderjarige) [slachtoffer 1] hem, verdachte, meermalen heeft gepijpt en/of vaginale seks met hem heeft gehad.