ECLI:NL:RBDHA:2026:28009

ECLI:NL:RBDHA:2026:28009

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 18-09-2026
Datum publicatie 24-09-2026
Zaaknummer 09/039134-26, 09/346769-25 (ttz.gev.), 09/270324-25 (ttz.gev.)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Bewezenverklaring van meerdere bedreigingen waaronder van een politica. Eveneens bewezenverklaring van mishandeling (tweemaal), belaging en bezit van kinderporno. Groot deel van de bewezenverklaarde feiten vond plaats binnen de relationele sfeer. Oplegging van een gevangenisstraf van 9 maanden waarvan 5 voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren onder meerdere bijzondere voorwaarden, waaronder een contact- en locatieverbod.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Strafrecht

Meervoudige kamer

Parketnummers: 09/039134-26, 09/346769-25 (ttz. gev.), 09/270324-25 (ttz. gev.)

Datum uitspraak: 18 september 2026

Tegenspraak

De rechtbank Den Haag heeft op de grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte:

[verdachte] ,

geboren op [geboortedatum 1] 1999 te [geboorteplaats] ,

op dit moment gedetineerd in de penitentiaire inrichting [plaats] , locatie [locatie] .

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Het onderzoek is gehouden op de terechtzitting van 4 september 2026.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. R.S.J. Hoogstraaten, en van hetgeen door de verdachte en zijn raadsman, mr. J. van Beest, naar voren is gebracht.

2. De tenlastelegging

Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ten aanzien van dagvaarding II op de terechtzitting van 4 september 2026 - ten laste gelegd dat:

Dagvaarding I (09/270324-25)

1hij op of omstreeks 27 juli 2025 te 's-Gravenhage, althans in Nederland [aangeefster 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, op een instagram over haar bericht te reageren met “Whahaha ze mag de kankwr krijgen ga haar echt wurgen moedersdood” terwijl dit feit werd gepleegd tegen die [aangeefster 1] in diens hoedanigheid van lid van een algemeen vertegenwoordigend orgaan;

2hij, op of omstreeks 13 oktober 2025 te Leiden, [aangever 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door te roepen:- "Ik ga je breken”,- “Ik breek jullie allemaal”- "Ik maak je kapot"- "Oud en nieuw wordt oorlog voor jullie, wacht maar ik blaas jou op",- "Ik maak je dood" en/of "Ik maak jullie dood",althans woorden van een gelijkende dreigende strekking;

Dagvaarding II (09/346769-25)

hij op of omstreeks 10 november 2025 te Leiden, althans in Nederland, heeft mishandeld, door die [aangeefster 2] een of meermalen in haar been te knijpen, terwijl verdachte dit misdrijf beging tegen zijn levensgezel;

Dagvaarding III (09/039134-26)

1hij in of omstreeks de periode van 26 januari 2026 tot en met 29 januari 2026 te 's-Gravenhage, althans in Nederland [aangeefster 2] heeft mishandeld, door- een of meermaals een autoporier te sluiten waardoor het been van die [aangeefster 2] geraakt werd, en/of- een of meermaals op de mond van die [aangeefster 2] te slaan;

2hij in of omstreeks de pleegperiode van 27 januari 2026 tot en met 7 februari 2026 te Wassenaar, althans in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangeefster 3] , door- een grote hoeveelheid berichten via Tiktok, Whatsapp, de bankieren app en/of een andere berichtendienst te sturen, en/of- die [aangeefster 3] een groot aantal keer (met een anoniem nummer) te bellen met het oogmerk die [aangeefster 3] , te dwingen iets te doen, niet te doen, te dulden en/of vrees aan te jagen;

3hij, in of omstreeks de periode van 27 januari 2026 tot en met 5 februari 2026 te Leiden en/of ’s-Hertogenbosch althans in Nederland, een of meer visuele weergaven en/of een of meer gegevensdragers bevattende visuele weergaven, van seksuele aard en/of met onmiskenbaar seksuele strekking waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, was betrokken of schijnbaar was betrokken, heeft verspreid en/of aangeboden en/of openlijk tentoongesteld en/of vervaardigd en/of ingevoerd en/of doorgevoerd en/of uitgevoerd en/of verworven en/of in bezit heeft gehad en/of zich daartoe de toegang heeft verschaft, te weten een video, waarop te zien is dat: die persoon vaginaal wordt gepenetreerd met een penis;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:

hij in of omstreeks de periode van 5 februari 2026 te Leiden, Wassenaar, en/of 's-Hertogenbosch, een ander, te weten [aangeefster 2] , door geweld of enige andere feitelijkheid en/of door bedreiging met geweld of enige andere feitelijkheid gericht tegen die ander en/of een of meer derden, te weten [aangeefster 2] wederrechtelijk heeft gedwongen iets te doen, niet te doen en/of te dulden, door- te dreigen beelden waarop die [aangeefster 2] naakt te zien is en/of beelden waarop die [aangeefster 2] seksuele handelingen verricht te verspreiden met het doel om die [aangeefster 2] te dwingen het contact met verdachte voort te zetten, en/of die [aangeefster 2] ervan te weerhouden contact met de politie op te nemen, en/of- beelden waarop die [aangeefster 2] naakt te zien is en/of waarop die [aangeefster 2] seksuele handelingen verricht te verspreiden, althans te versturen naar een derde via tiktok en/of snapchat;

4hij op een of meerdere momenten in of omstreeks de periode van 12 januari 2026 tot en met 5 februari 2026 te Oegstgeest, Leiden en/of Den Bosch, althans in Nederland heeft bedreigd [aangeefster 2] en/of [aangever 2] met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [aangeefster 2] en/of [aangever 2] dreigend de woorden toe te voegen, althans de volgende teksten te sturen- "Waar ben je kanjer hoer Wollah je bent dood"- "Waar ben je ga je kanker keel kapot maken"- "De volgende is bij je kanker ouders wollah ze gaan zien waar je mee bezig bent al die tijd kanjer kehna wollah me dit is gebeurd bij mij waar ben je ga je kanker keel"-“ [aangeefster 2] JOU KANKER LEVEN GA IK KAPOY MAKEN”-“kanker hoer wol/ah ga je verminken voor de rest van je leven in je gezicht niemand zal je aankijken als je spiegel kijkt zal je hoer aan dit denken kanker hoer wollag had respect voor kehba had respect voor de verkeerde kanker hoer”-"Wollah jegaatje zelf willen vermoorden"-" [aangeefster 3] haar hartig ga je gezicht verminken verbranden niemand zalje nog aankijken"-"Ik ga je keel opendoen vandaag"-"Ik ga je huis laten ontploffen"- Kanker hoeredochter die je bent kanker hoerekind wollah je gaat branden wollah kan niet wachten tot ik je in handen hebwollah ik wurgje en ik stop je in een zak en drop je ergens mij bespelen mij als hond behabdelen vieze kanker teef zie je bent- "Ga je kanker hard neuke nhoorje je gaat huilen smeken om genade woollah je gaat leeg"althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking.

3. De bewijsbeslissing

Het standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het bij dagvaarding I onder 1 en 2, het bij dagvaarding II en het bij dagvaarding III onder 1, 2, 3 subsidiair en 4 tenlastegelegde.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft namens de verdachte vrijspraak van het bij dagvaarding II en het bij dagvaarding III onder 1, 2 en 3 tenlastegelegde bepleit en heeft zich met betrekking tot het bij dagvaarding I onder 1 en 2 tenlastegelegde op het standpunt gesteld dat dit kan worden bewezen verklaard. Voorts heeft de raadsman zich ten aanzien van het bij dagvaarding III onder 4 tenlastegelegde op het standpunt gesteld dat de verdachte van de tenlastegelegde bedreigingen gericht tegen [aangeefster 2] dient te worden vrijgesproken en dat de tenlastegelegde bedreigingen gericht tegen [aangever 2] kunnen worden bewezen verklaard.

Gebruikte bewijsmiddelen

De rechtbank heeft hierna in de bijlage opgenomen de wettige bewijsmiddelen met de voor de bewezenverklaring redengevende feiten en omstandigheden.

Bewijsoverwegingen

De officier van justitie en de raadsman hebben vrijspraak van het bij dagvaarding III onder 3 primair ten laste gelegde bepleit. De rechtbank acht dit feit wel bewezen en overweegt daartoe als volgt.

Zowel de verdachte als de aangeefster heeft verklaard dat zij gezamenlijk (met wederzijdse toestemming) een (of meerdere) seksvideo(’s) gemaakt hebben. De aangeefster was op dat moment nog minderjarig, namelijk 17 jaar oud. De verdachte heeft verklaard dat hij één zo’n video in zijn bezit heeft gehad. Daarmee is het naar het oordeel van de rechtbank wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte seksueel beeldmateriaal van een minderjarige in zijn bezit heeft gehad. Het ten laste gelegde vervaardigen van deze beelden kan niet bewezen worden. Weliswaar is gebleken dat de verdachte deze beelden heeft vervaardigd, maar dit vervaardigen heeft blijkens voornoemde verklaringen niet binnen de ten laste gelegde periode plaatsgehad. Dat de verdachte de beelden heeft verspreid kan evenmin bewezen worden. Weliswaar heeft aangeefster daarover verklaard, maar de verdachte heeft dit ontkend en het dossier bevat onvoldoende ondersteuning. Objectief steunbewijs voor haar verklaring, bijvoorbeeld in de vorm van op telefoons aangetroffen, gedateerde chatberichten, heeft de rechtbank niet aangetroffen.

De bewezenverklaring

De rechtbank is met betrekking tot de bij dagvaarding I onder 1 en 2, bij dagvaarding II en bij dagvaarding III onder 1, 2, 3 primair en 4 ten laste gelegde feiten van oordeel dat deze feiten wettig en overtuigend zijn bewezen.

De rechtbank verklaart ten laste van de verdachte bewezen dat:

Dagvaarding I (09/270324-25)

1hij op 27 juli 2025 in Nederland [aangeefster 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door op instagram over haar bericht te reageren met “Whahaha ze mag de kankwr krijgen ga haar echt wurgen moedersdood” terwijl dit feit werd gepleegd tegen die [aangeefster 1] in haar hoedanigheid van lid van een algemeen vertegenwoordigend orgaan;

2hij, op 13 oktober 2025 te Leiden, [aangever 1] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, door te roepen:- "Ik ga je breken”,- “Ik breek jullie allemaal”- "Ik maak je kapot"- "Oud en nieuw wordt oorlog voor jullie, wacht maar ik blaas jou op",- "Ik maak je dood" en/of "Ik maak jullie dood";

Dagvaarding II (09/346769-25)

hij op 10 november 2025 in Nederland, [aangeefster 2] heeft mishandeld, door die [aangeefster 2] in haar been te knijpen;

Dagvaarding III (09/039134-26)

1hij omstreeks de periode van 26 januari 2026 tot en met 29 januari 2026 in Nederland [aangeefster 2] heeft mishandeld, door- een autoportier te sluiten waardoor het been van die [aangeefster 2] geraakt werd, en - op de mond van die [aangeefster 2] te slaan;

2hij in de periode van 27 januari 2026 tot en met 7 februari 2026 in Nederland, wederrechtelijk stelselmatig opzettelijk inbreuk heeft gemaakt op eens anders persoonlijke levenssfeer, te weten die van [aangeefster 2] , door- een grote hoeveelheid berichten via Tiktok, Whatsapp, de bankieren app en/of een andere berichtendienst te sturen, en/of- die [aangeefster 2] een groot aantal keren (met een anoniem nummer) te bellen met het oogmerk die [aangeefster 2] , te dwingen iets te doen, te dulden en vrees aan te jagen;

3hij, in de periode van 27 januari 2026 tot en met 5 februari 2026 in Nederland visuele weergaven van seksuele aard, waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet had bereikt, was betrokken in bezit heeft gehad, te weten een video, waarop te zien is dat: die persoon vaginaal wordt gepenetreerd met een penis;

4hij in de periode van 12 januari 2026 tot en met 5 februari 2026 in Nederland heeft bedreigd [aangeefster 2] en/of [aangever 2] met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of met zware mishandeling, door die [aangeefster 2] en/of [aangever 2] dreigend de woorden toe te voegen, althans de volgende teksten te sturen- "Waar ben je kanjer hoer Wollah je bent dood"- "Waar ben je ga je kanker keel kapot maken"- "De volgende is bij je kanker ouders wollah ze gaan zien waar je mee bezig bent al die tijd kanjer kehna wollah me dit is gebeurd bij mij waar ben je ga je kanker keel"-“ [aangeefster 2] JOU KANKER LEVEN GA IK KAPOY MAKEN”-“kanker hoer wol/ah ga je verminken voor de rest van je leven in je gezicht niemand zal je aankijken als je spiegel kijkt zal je hoer aan dit denken kanker hoer wollag had respect voor kehba had respect voor de verkeerde kanker hoer”-"Wollah jegaatje zelf willen vermoorden"-" [aangeefster 3] haar hartig ga je gezicht verminken verbranden niemand zalje nog aankijken"-"Ik ga je keel opendoen vandaag"-"Ik ga je huis laten ontploffen"- Kanker hoeredochter die je bent kanker hoerekind wollah je gaat branden wollah kan niet wachten tot ik je in handen hebwollah ik wurgje en ik stop je in een zak en drop je ergens mij bespelen mij als hond behabdelen vieze kanker teef zie je bent- "Ga je kanker hard neuke nhoorje je gaat huilen smeken om genade woollah je gaat leeg".

Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd en gecursiveerd weergegeven, zonder dat de verdachte daardoor in de verdediging is geschaad.

4. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde

Het bewezen verklaarde is volgens de wet strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten.

5. De strafbaarheid van de verdachte

De verdachte is eveneens strafbaar, omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten.

6. De strafoplegging

De vordering van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat de verdachte wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van negen maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht, waarvan vijf maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren en met oplegging van de bijzondere voorwaarden die de reclassering heeft geadviseerd. De officier van justitie heeft de dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden gevorderd.

Het standpunt van de verdediging

De verdediging stelt zich op het standpunt dat bij een bewezenverklaring van de feiten de straf niet langer moet zijn dan de tijd die de verdachte al in voorarrest heeft doorgebracht.

Het oordeel van de rechtbank

Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek op de terechtzitting is gebleken.

De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking.

Ernst van de feiten

De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan bedreigingen met de dood van een politica en een politieambtenaar. Ook heeft hij [aangeefster 2] – met wie hij enige tijd een relatie had – verschillende keren mishandeld en belaagd, en een door hen gemaakt filmpje waarop te zien is dat zij seks hebben, in zijn bezit gehad, terwijl [aangeefster 2] minderjarig was. Daarnaast heeft de verdachte [aangeefster 2] en haar broer bedreigd met de dood en met zware mishandeling.

Met de bedreiging van [aangeefster 1] heeft de verdachte een ernstige inbreuk gemaakt op haar persoonlijke levenssfeer. [aangeefster 1] heeft in een schriftelijke slachtofferverklaring verklaard dat de impact van bedreigingen, zoals die van de verdachte, op haar werk- en privéleven groot is. Het ontvangen van doodsbedreigingen went niet en raakt haar. De verdachte heeft met zijn handelen hieraan bijgedragen.

De verdachte heeft politieambtenaar [aangever 1] bedreigd terwijl hij bezig was met het uitvoeren van zijn werkzaamheden. Politieambtenaren moeten hun werk kunnen doen zonder dat zij daarbij worden bedreigd.

Het bezitten van het seksfilmpje waarop [aangeefster 2] te zien is, wordt aangemerkt als het bezitten van kinderporno. In zijn algemeenheid is dit een ernstig feit, onder meer omdat bij de vervaardiging ervan kinderen seksueel worden misbruikt en geëxploiteerd. Het filmpje waar het hier om gaat hebben de verdachte en [aangeefster 2] gemaakt toen zij een relatie hadden en met hun wederzijdse toestemming. Seksueel misbruik en exploitatie lijkt hier niet aan de orde. Anderzijds heeft de verdachte gedreigd dit filmpje te verspreiden. Met dit laatste houdt de rechtbank in strafverhogende zin rekening bij de bepaling van de straf.

De overige strafbare gedragingen ten aanzien van [aangeefster 2] hebben plaatsgevonden in de sfeer van onenigheid over hun – onstuimige – relatie of de nasleep ervan. De rechtbank heeft de indruk gekregen dat de verdachte [aangeefster 2] dwangmatig controleerde. Volgens de verdachte hebben zij beiden een kort lontje en dat heeft [aangeefster 2] , ter terechtzitting als getuige gehoord, ook bevestigd. Ten tijde van de bewezenverklaarde handelingen was de verdachte 26 dan wel 27 jaar en [aangeefster 2] 17 jaar oud. [aangeefster 2] was toen dus minderjarig en bovendien negen jaar jonger dan de verdachte. Gelet op de jonge leeftijd van [aangeefster 2] en het vrij grote leeftijdsverschil tussen haar en de verdachte, had van de verdachte verwacht mogen worden dat hij de rust had bewaard en de gemoederen - ook die van hemzelf - tot bedaren had gebracht. In plaats daarvan heeft hij zich tegenover haar keer op keer agressief gedragen en haar het leven zuur gemaakt. Ook in een contact met de broer van [aangeefster 2] heeft de verdachte forse bedreigingen geuit.

De gedragingen van de verdachte getuigen van een gebrek aan respect voor de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen. De verdachte lijkt geen belemmering te voelen om doodsbedreigingen te uiten. Bij de politie en ter terechtzitting heeft de verdachte de ernst van de bedreigingen en de andere tenlastegelegde feiten afgezwakt dan wel geprobeerd te rechtvaardigen door de schuld bij anderen te leggen. Dat de verdachte niet heeft laten blijken dat hij oog heeft voor de consequentie van zijn handelen voor anderen, rekent de rechtbank de verdachte aan.

Strafblad

De rechtbank heeft kennisgenomen van het strafblad van de verdachte. Hieruit blijkt dat de verdachte voor het laatst voor een misdrijf is veroordeeld op 9 oktober 2020. Hieraan voorgaand is de verdachte een aantal keer veroordeeld, onder andere voor bedreiging. Dat de verdachte eerder is veroordeeld voor bedreiging zal de rechtbank als enigszins strafverzwarend meewegen.

Persoon van de verdachte

De rechtbank heeft kennisgenomen van een reclasseringsadvies over de verdachte van 3 september 2026, waaruit volgt dat sprake is van problematiek op meerdere leefgebieden en van een hoog recidiverisico.

De reclassering beschrijft dat op geen enkel leefgebied stabiliteit is en dat al ingezette hupverlening onvoldoende van de grond lijkt te komen. Naast praktische problematiek bestaan er zorgen over het psychosociaal functioneren van de verdachte en zijn houding met betrekking tot de feiten. De verdachte neemt weinig verantwoordelijkheid voor zijn gedrag en legt de schuld vaak buiten zichzelf. Volgens de reclassering is de situatie complex doordat de verdachte en [aangeefster 2] elkaar ondanks het contact- en locatieverbod blijven opzoeken, waardoor de praktische werking ervan onder druk staat en er tegelijkertijd nog zorgen bestaan over de relationele dynamiek, mogelijke escalatie en de veiligheid van [aangeefster 2] . Het volledig loslaten van de beschermende begrenzing vindt de reclassering daarom op dit moment niet wenselijk.

De reclassering adviseert bij veroordeling van de verdachte hem een (deels) voorwaardelijke straf met bijzondere voorwaarden op te leggen, te weten een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, een contactverbod met [aangeefster 2] tenzij de reclassering toestemming geeft voor het contact, een locatieverbod zolang de reclassering dat nodig vindt, met elektronisch toezicht en dagbesteding. De reclassering adviseert dadelijke uitvoerbaarheid van deze voorwaarden en het toezicht, omdat de kans op een misdrijf met schade voor personen groot is.

Straf

De rechtbank is van oordeel dat niet kan worden volstaan met een lichtere of andere sanctie dan een straf die deels onvoorwaardelijke vrijheidsbeneming van na te melden duur met zich brengt.

Gelet op het voorgaande komt de rechtbank tot een strafoplegging die gelijk is aan wat door de officier van justitie is gevorderd. Gelet op alle omstandigheden, en in het bijzonder de ernst en combinatie van de feiten en de duur van de periode waarin deze zijn gepleegd, acht de rechtbank oplegging van een gevangenisstraf van negen maanden passend en geboden. De rechtbank zal een deel van die straf, te weten vijf maanden, voorwaardelijk opleggen, met een proeftijd van twee jaren en daaraan de door de reclassering geadviseerde voorwaarden verbinden, om de verdachte ervan te weerhouden zich in de toekomst opnieuw aan strafbare feiten schuldig te maken en te bewerkstelligen dat een oplossing wordt gevonden voor de problematiek van de verdachte en zo de kans op recidive terug te dringen.

Gelet op het reclasseringsadvies en het daarin tot uitdrukking gebrachte hoge risico op recidive, is de rechtbank van oordeel dat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Daarom zal zij bevelen dat de bijzondere voorwaarden en het toezicht door de reclassering dadelijk uitvoerbaar zijn.

7. De toepasselijke wetsartikelen

De op te leggen straf is gegrond op de artikelen: 14a, 14b, 14c, 55, 57, 252, 285, 285b en 300 van het Wetboek van Strafrecht.

Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij ten tijde van het bewezen verklaarde rechtens golden dan wel ten tijde van deze uitspraak rechtens gelden.

8. De beslissing

De rechtbank:

verklaart wettig en overtuigend bewezen, dat de verdachte de bij dagvaarding I onder 1 en 2, bij dagvaarding II en bij dagvaarding III onder 1, 2, 3 primair en 4 ten laste gelegde feiten heeft begaan, zoals hierboven onder 3.5. bewezen is verklaard;

verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij;

verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en dat het bewezen verklaarde uitmaakt:

ten aanzien van dagvaarding I onder 1:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht, terwijl het feit wordt gepleegd tegen een persoon in diens hoedanigheid van lid van een algemeen vertegenwoordigend orgaan;

ten aanzien van dagvaarding I onder 2:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht;

ten aanzien van dagvaarding II:

mishandeling;

ten aanzien van dagvaarding III onder 1:

mishandeling;

ten aanzien van dagvaarding III onder 2:

belaging;

ten aanzien van dagvaarding III onder 3:

een visuele weergave van seksuele aard waarbij een persoon die kennelijk de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt is betrokken, in bezit hebben;

ten aanzien van dagvaarding III onder 4:

bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht of met zware mishandeling, meermalen gepleegd;

verklaart de verdachte daarvoor strafbaar;

veroordeelt de verdachte tot:

een gevangenisstraf voor de duur van 9 (NEGEN) MAANDEN;

bepaalt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van het onvoorwaardelijk gedeelte van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht;

bepaalt dat een gedeelte van die straf, groot 5 (VIJF) MAANDEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op twee jaren vastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;

en onder de bijzondere voorwaarden dat de veroordeelde:

- zich gedurende de proeftijd meldt bij de reclassering, op door de reclassering te bepalen tijdstippen, zo frequent en zolang de reclassering dat noodzakelijk acht;

- gedurende de proeftijd meewerkt aan diagnostiek en zich laat behandelen door De Waag of een soortgelijke zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering dat noodzakelijk acht. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling;

- gedurende de proeftijd geen contact legt of laat leggen – direct of indirect – met [aangeefster 2] (geboortedatum: [geboortedatum 2] 2008), tenzij de reclassering toestemming heeft gegeven voor het contact;

- zich gedurende de proeftijd niet bevindt in de gemeente Wassenaar met een straal van 15 kilometer, zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering kan tijdens deze periode het verboden gebied laten vervallen, het verboden gebied verkleinen en/of aan betrokkene toestemming geven om zich voor een bepaalde periode in een bepaald deel van het verboden gebied te bevinden. De veroordeelde stelt zich onder elektronisch toezicht stelt ter nakoming van deze bijzondere voorwaarde, zolang de reclassering dat nodig acht. Voor een goede werking van het elektronisch toezicht verlaat de veroordeelde Nederland gedurende dat toezicht niet zonder toestemming van de reclassering;

- zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk met een vaste structuur;

geeft opdracht aan de reclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden;

voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd:

- ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking zal verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;

- medewerking zal verlenen aan het reclasseringstoezicht, bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht daaronder begrepen;

beveelt dat bovengenoemde bijzondere voorwaarden en het -op grond van artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht- uit te oefenen toezicht, dadelijk uitvoerbaar zijn;

heft op het bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte met ingang van het tijdstip waarop de duur van de voorlopige hechtenis gelijk wordt aan die van het onvoorwaardelijk gedeelte van de opgelegde gevangenisstraf.

Dit vonnis is gewezen door

mr. H.P.M. Meskers, voorzitter,

mr. M. Diepenhorst, rechter,

mr. C.D.V. Efstratiades, rechter,

in tegenwoordigheid van mr. N.T.G. Levelt, griffier,

en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 18 september 2026.

Zittende Magistratuur

Rechters

  • mr. H.P.M. Meskers
  • mr. M. Diepenhorst
  • mr. C.D.V. Efstratiades

Griffier

  • mr. N.T.G. Levelt

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand